Spiritualiteit

Gepubliceerd op 5 oktober 2026 om 12:55
 

Wat is Spiritualiteit voor mij?

 

Is spiritualiteit iets van het verstand, of juist van het gevoel? Heeft het te maken met mediteren, het uitvoeren van rituelen of het zoeken naar betekenis in patronen die we om ons heen waarnemen?

De mens is ontstaan uit patronen, herkent patronen en zoekt voortdurend naar patronen. Dat is geen toevallige eigenschap. Onze hersenen zijn biologisch ingericht om patronen te herkennen, omdat patroonherkenning ons in staat stelt om te voorspellen. En voorspellen geeft veiligheid.

Wanneer ik tijdens een wandeling zie dat er een harde wind staat en ik weet dat daardoor takken kunnen afbreken, kan ik besluiten een ander pad te nemen. Ik herken een patroon, verbind daar een verwachting aan en pas mijn gedrag daarop aan.

Maar patroonherkenning gaat verder dan dat. We kunnen ons bijvoorbeeld afvragen: verschijnen patronen zomaar? En misschien nog interessanter: wat zegt het patroon dat iemand waarneemt over de persoon die het waarneemt?

Ook binnen de psychologie wordt patroonherkenning gebruikt. Wat iemand waarneemt, interpreteert en herkent kan informatie geven over de manier van denken, de verwachtingen en de persoonlijkheid van een individu. Ook dat is een vorm van patroonherkenning, maar dan toegepast op de mens zelf.

Patroonherkenning heeft dus een duidelijke functie binnen het menselijk bestaan.

Niet alleen mensen bezitten die eigenschap. Mijn hond Duuk is er een meester in. Hij herkent op grote afstand wanneer iemand zich anders gedraagt dan normaal. Wanneer iemand anders loopt, plotseling stilstaat, naar de lucht kijkt of wanneer de regelmaat van de dag verandert, wordt hij alert.

Is mijn hond daarmee spiritueel? Of is dit simpelweg een biologische eigenschap?

Misschien begint spiritualiteit precies op het moment waarop we niet meer alleen het patroon herkennen, maar ons gaan afvragen wat het patroon betekent.

Waarom kijk ik bijvoorbeeld elf dagen achter elkaar precies om 11.11 uur op mijn telefoon? Dat is een andere vraag dan alleen de constatering dat het gebeurt. We proberen er context aan te geven. En die context zegt misschien niet alleen iets over het patroon, maar ook over degene die het patroon waarneemt.

Iemand die in zijn leven veel onvoorspelbaarheid heeft meegemaakt, kan bijvoorbeeld bijzonder alert zijn op veranderingen in het gedrag van anderen. Het vermogen om kleine patronen te herkennen kan dan een belangrijke functie hebben gekregen.

Maar daarmee is de vraag nog niet verdwenen. Waarom kijk ik elf dagen achter elkaar op mijn telefoon en zie ik 11.11? En als ik daar betekenis aan geef, waar komt die betekenis dan vandaan? Uit het patroon zelf? Uit mijn eigen bewustzijn? Of ontstaat betekenis ergens tussen beide? Ik heb zelf gebeurtenissen meegemaakt die mij met precies die vraag hebben geconfronteerd.

Na de begrafenis van mijn overleden zoontje begon de cd-speler spontaan te spelen. Het nummer dat vervolgens klonk was Tears in Heaven van Eric Clapton. Het was niet het eerste nummer van de cd; volgens mij was het het tweede of vierde nummer. Ik weet dat niet meer precies. Dit was onder andere een nummer dat we gebruikte bij zijn begrafenis.

Was het toeval? Waarschijnlijk is daar een technische verklaring voor te vinden. Misschien was er iets met de cd-speler? Maar daarmee is de gebeurtenis voor mij nog niet betekenisloos of verklaard.

Jaren later overleed mijn vriendin. Op haar rouwkaart stond een hert in het bos. Op een avond ging mijn televisie uit het niets aan. De Chromecast-screensaver verscheen. Het was 22.22 uur. Op het scherm stond een hert in een bos.

Opnieuw kan daar waarschijnlijk een technische verklaring voor bestaan. Misschien was de televisie uit zichzelf ingeschakeld en keek ik toevallig precies op dat moment. Soms is techniek ook onvoorspelbaar. Maar wat betekent zo'n gebeurtenis?

Zelf geloof ik niet in een 'leven' na de dood in de biologische context. Wat ik daarin tegen niet uitsluit en wel van uit ga is dat informatie na de dood op een andere manier betekenis kan krijgen. Dat is voor mij iets anders. Leven is binnen het Fractaal Denkraam een emergent proces. Informatie raakt entangled met andere informatie, vormt patronen en brengt nieuwe organisatieniveaus voort. Leven is daarmee een schaal binnen de materiële werkelijkheid.

Wanneer het biologische proces dat wij leven noemen eindigt, is daarmee niet noodzakelijk alles verdwenen wat uit dat leven is voortgekomen. De mens laat informatie achter binnen het grotere geheel.

In andere mensen. In herinneringen. In relaties. In gedrag. In verhalen. In veranderingen die door een leven zijn ontstaan, maar ook binnen een nog groter geheel waarin al die informatie opnieuw onderdeel wordt van andere processen, andere patronen en andere schalen. De dood is dan geen vernietiging van alles wat iemand heeft voortgebracht, maar een overgang van de ene vorm van organisatie naar andere vormen.

Dat brengt mij terug bij spiritualiteit.

Ik probeer dergelijke gebeurtenissen niet uitsluitend met mijn gevoel te benaderen, maar ook niet uitsluitend met mijn verstand. Ik probeer beide te observeren. Is spiritualiteit een gevoel? Of is spiritualiteit juist het vermogen om zowel het gevoel als het verstand waar te nemen?

Zijn verstand en emotie entangled? Kunnen verstand en emotie samen nieuwe schalen van betekenis laten emergeren? Kan verdriet worden omgezet in iets moois? Voor mij is dat spiritualiteit. Niet het uitschakelen van het verstand, maar het gebruiken ervan als instrument. Niet het onderdrukken van emotie, maar het onderzoeken ervan. En ook intuïtie hoort daarbij.

Een gebeurtenis kan rationeel verklaarbaar zijn en tegelijkertijd spiritueel betekenisvol. Misschien ligt daar juist een belangrijk onderscheid. De vraag is niet alleen: wat is er gebeurd? De vraag is ook: wat gebeurt er in mij doordat het gebeurt?

Zelf doe ik tegenwoordig niet aan rituelen. Dat heb ik vroeger wel gedaan. Het enige ritueel waaraan ik mij niet onttrek, is het ritme van de dag. Het ritme van het proces waaruit ik ben ontstaan, waarin ik besta en waardoor ik besta. Voor mij verliezen rituelen uiteindelijk hun noodzaak wanneer ze hun functie hebben vervuld. Ook het bezoeken van een graf kan een ritueel zijn. Het kan troost geven, helpen bij het verwerken van verlies en een plaats geven aan verdriet.

Maar er kan een moment komen waarop het ritueel niet langer nodig is. Niet omdat het betekenisloos is geworden, maar juist omdat de betekenis ervan is opgenomen in een andere schaal. Het verdriet is niet verdwenen. De herinnering is niet verdwenen. De informatie is niet verdwenen.

Alleen de vorm waarin ik mij ertoe verhoudt, is veranderd. Er zijn andere lagen omheen ontstaan. De herinnering is gebleven, maar de manier waarop ik mij tot die herinnering verhoudt is veranderd.

Dat is voor mij emergentie.

Niet dat iets verdwijnt, maar dat uit bestaande informatie een nieuwe organisatie van betekenis ontstaat. Misschien is dat uiteindelijk wat spiritualiteit voor mij betekent: Niet geloven in iets wat ik niet kan weten. Niet alles reduceren tot iets wat ik kan meten. Maar beide werkelijkheden durven onderzoeken.

Het patroon waarnemen.

Het gevoel ervaren.

Het verstand gebruiken.

De intuïtie toelaten.

En vervolgens kijken wat daaruit ontstaat.

Spiritualiteit is voor mij daarom geen ontsnapping uit de werkelijkheid. Het is juist een andere manier om er dieper naar te kijken.

 

Dave Ruder