Oerbron of Oerproces?
Waarom bewustzijn binnen het Fractaal Denkraam niet de oorsprong van bestaan is
Binnen veel spirituele stromingen wordt bewustzijn beschreven als de bron van het bestaan. Dat werkelijkheid voortgekomen is uit één universeel bewustzijn, waarvan alles wat bestaat binnen onze werkelijkheid een manifestatie een onderdeel is. Binnen het Fractaal Denkraam wordt daar anders naar gekeken.
Binnen het Fractaal Denkraam is er geen absolute Oerbron, geen absoluut begin en geen absoluut einde. Werkelijkheid wordt niet gezien als iets dat ooit is begonnen, maar als een continu proces van verandering, interactie en emergentie.
Binnen het Fractaal Denkraam is ook bewustzijn geen uitgangspunt, maar een emergent verschijnsel. Het is mogelijk dat bewustzijn op verschillende schalen aanwezig is en zich op iedere schaal anders organiseert en manifesteert. Wat wij bij een complex organisme als bewustzijn herkennen, hoeft daarom niet dezelfde vorm aan te nemen als mogelijke vormen van bewustzijn op kleinere of grotere schalen.
Een cel hoeft bijvoorbeeld niet op dezelfde manier bewust te zijn als een mens om toch onderdeel te kunnen zijn van een georganiseerd proces waarin informatie wordt verwerkt, op veranderingen wordt gereageerd en terugkoppeling plaatsvindt. Het begrip bewustzijn hoeft daarom binnen het Fractaal Denkraam ook niet binair te zijn. Het is niet noodzakelijk een simpele aan-uit-schakelaar, maar kan zich op verschillende schalen en in verschillende vormen manifesteren.
Heel voorzichtig geformuleerd zou men kunnen stellen dat het universum mogelijk een vorm van bewustzijn kent op een schaal die wij niet kunnen bevatten, terwijl de aarde mogelijk een andere vorm of schaal van bewustzijn vertegenwoordigt dan ons menselijke bewustzijn. Zelfs een kristal zou, binnen deze hypothese, een vorm van georganiseerde informatieverwerking kunnen vertegenwoordigen die wij niet als bewustzijn herkennen, ervaren of kunnen beschrijven.
Dat betekent nadrukkelijk niet dat het Fractaal Denkraam aan heeft getoond dat het universum, de aarde of een kristal bewustzijn hééft. Het betekent dat bewustzijn binnen het Fractaal Denkraam niet vooraf als één specifieke menselijke eigenschap wordt gedefinieerd, maar als een mogelijk emergent verschijnsel dat zich, afhankelijk van schaal en organisatie, op verschillende manieren kan manifesteren. Alles is proces, en veel van die processen vinden plaats buiten onze schaal van waarneming en ervaring.
Daarmee is bewustzijn bovendien ook niet statisch. Ook in onze eigen ervaring zien we dat bewustzijn voortdurend fluctueert. We zijn niet op ieder moment even bewust van onszelf, onze omgeving, ons lichaam of de grotere systemen waarvan we onderdeel zijn. Binnen het Fractaal Denkraam past dat bij het uitgangspunt dat alles proces is en dus aan verandering en fluctuatie onderhevig is.
Maar emergent betekent niet dat bewustzijn vervolgens geen invloed meer kan hebben. Zodra bewustzijn binnen een georganiseerd systeem ontstaat, kan het zelf onderdeel worden van de terugkoppeling binnen dat systeem. Het kan daarmee mogelijk invloed uitoefenen op de verdere organisatie en ontwikkeling van het proces waaruit het zelf is voortgekomen.
Hier ontstaat een interessant verschil met het idee dat bewustzijn de Oerbron van alles is. Als bewustzijn wordt opgevat als een universeel veld, waarvan individuele vormen van bewustzijn als het ware manifestaties of ‘excitatiepatronen’ zijn, ontstaat er inderdaad een vorm van eenheid. Het geheel en de delen hoeven dan niet van elkaar gescheiden te zijn.
Maar daarmee ontstaat een andere vraag. Is dat universele bewustzijnsveld zelf statisch, of is het dynamisch? Een veld kan immers één geheel vormen en tegelijkertijd voortdurend veranderen en fluctueren. De verschillende manifestaties kunnen met elkaar interageren, veranderen en informatie uitwisselen zonder dat daarmee de onderliggende eenheid noodzakelijk verdwijnt.
De vergelijking met een veld lost het probleem van de Oerbron daarom niet op, maar verschuift de vraag. Als bewustzijn het universele veld is, wat betekent het dan dat dit veld verschillende toestanden of manifestaties kan aannemen? Is die dynamiek onderdeel van het bewustzijn zelf? En als dat zo is, spreken we dan nog over een statische Oerbron, of juist over een dynamisch proces?
Binnen het Fractaal Denkraam staat juist dat laatste uitgangspunt centraal: eenheid en differentiatie hoeven elkaar niet uit te sluiten. Eenheid kan zich manifesteren door verschil, en verschil maakt interactie en verandering mogelijk. Het fundamentele gegeven is dan niet een statische bron, maar het proces waarin eenheid, verschil, interactie en nieuwe organisatie voortdurend samenkomen.
Dit kunnen we bijvoorbeeld terugzien in de biologie. Ecosystemen bestaan uit een grote diversiteit aan organismen, maar vormen tegelijkertijd samen één onderling verbonden systeem. De afzonderlijke onderdelen zijn verschillend, maar juist door hun relaties en interacties ontstaat een grotere vorm van organisatie.
Binnen het Fractaal Denkraam kan dit worden gezien als een mogelijk terugkerend patroon in de organisatie van werkelijkheid: differentiatie leidt niet noodzakelijk tot afscheiding, maar kan juist de voorwaarde vormen voor interactie, samenhang en nieuwe organisatie. Op verschillende schalen kan een vergelijkbare verhouding tussen eenheid, verschil, interactie en emergentie terugkeren, terwijl de concrete vorm telkens verandert.
Daarmee ontstaat een interessante filosofische vraag: Als de Oerbron bewustzijn is, kan die Oerbron dan werkelijk statisch zijn?
Als het antwoord nee is en ook de Oerbron dynamisch is, verandert de vraag opnieuw. Dan is bewustzijn niet langer een absoluut statisch beginpunt, maar onderdeel van een proces. En juist dat is dan een essentieel gegeven. Als de Oerbron wél volledig statisch en onveranderlijk is, ontstaat de vraag hoe uit die onveranderlijke toestand vervolgens differentiatie, beweging, informatie-uitwisseling en verandering kunnen ontstaan.
Daarbij komt nog een ander interessant aspect: de observator staat niet volledig los van datgene wat wordt waargenomen. Wat wij waarnemen wordt mede bepaald door onze positie, onze schaal en de manier waarop wij informatie kunnen verwerken. Tegelijkertijd kan onze waarneming en ons handelen invloed hebben op het proces dat wij waarnemen. Ook hier ontstaat dus een wisselwerking tussen observator en het geobserveerde.
Er lijkt dan een fundamentele spanning te ontstaan tussen een statische oorsprong en een dynamische werkelijkheid.
Binnen het Fractaal Denkraam wordt dat probleem anders benaderd. Daar hoeft bewustzijn niet aan het begin van het proces te staan. Bewustzijn kan binnen het proces ontstaan en vervolgens zelf weer onderdeel worden van de dynamiek en terugkoppeling van dat proces. Dat betekent overigens niet dat bewustzijn binnen het Fractaal Denkraam onbelangrijk is binnen bestaan en ontstaan. Integendeel. Juist omdat emergente structuren invloed kunnen uitoefenen op de processen waarvan zij deel uitmaken, kan bewustzijn een belangrijke rol spelen in verdere organisatie en ontwikkeling en bestaan.
Maar daarmee wordt bewustzijn niet automatisch de oorsprong van de werkelijkheid. Zelfs wanneer we zouden stellen dat bewustzijn de oorsprong van een bepaald aspect van onze werkelijkheid is, blijft binnen het Fractaal Denkraam de vraag bestaan: wat ging er vooraf aan die vorm van bewustzijn? Want als alles proces is, kan ook een vermeende bron niet zomaar buiten het proces worden geplaatst. Daar ligt misschien wel het fundamentele verschil.
Het Fractaal Denkraam zoekt niet naar één absoluut eerste element waaruit alles is voortgekomen. Het probeert juist te begrijpen hoe informatie, entanglement, emergentie en schaalrelativiteit voortdurend nieuwe vormen van organisatie kunnen voortbrengen.
Werkelijkheid is daarin geen eindproduct. Ook bewustzijn is geen eindproduct, maar ook geen begin punt en er is ook geen eerste schaal of een laatste schaal waarop het proces ophoudt.
Alles is proces.
Wat wij op één schaal als een geheel ervaren, kan op een andere schaal onderdeel zijn van een groter geheel. Wat op de ene schaal als oorsprong lijkt, kan vanuit een andere schaal zelf weer een emergente uitkomst blijken te zijn.
Daarom hoeft het Fractaal Denkraam niet te zoeken naar één Oerbron. Wat als Oerbron wordt aangewezen, is binnen het Fractaal Denkraam niet het einde van de vraag, maar juist een onderdeel van een groter proces.
De werkelijkheid hoeft niet ergens begonnen te zijn om voortdurend te kunnen ontstaan.
En misschien is dat precies wat schaalrelativiteit ons leert: wat wij als begin, einde, geheel, onderdeel, oorzaak of gevolg ervaren, kan afhankelijk zijn van de schaal waarop we kijken.
De werkelijkheid is dan geen rechte lijn die ergens begint en ergens eindigt, maar een voortdurend veranderend netwerk van processen waarin informatie wordt georganiseerd, relaties ontstaan, structuren emergent worden en nieuwe vormen van werkelijkheid ontstaan.
Niet bewustzijn dat werkelijkheid voortbrengt, maar bewustzijn dat binnen werkelijkheid ontstaat en vervolgens zelf onderdeel wordt van het proces dat werkelijkheid voortdurend opnieuw organiseert.
Dave Ruder
Maak jouw eigen website met JouwWeb